Bekkeninstabiliteit

Muscle WeaknessBekkeninstabiliteit

Het bekken bestaat uit drie botstukken: de linker en rechter bekkenhelft met daartussenin aan de achterzijde het heiligbeen (sacrum). Deze botstukken worden op drie plaatsen met elkaar verbonden. Er zijn dus drie gewrichten. De verbinding aan de voorkant tussen de twee bekkenhelften is het schaambeen (symfyse). Aan de achterkant komen de beide bekkenhelften samen aan weerszijden van het heiligbeen, de sacro- iliacale gewrichten of wel SI- gewrichten.

[Bekken en zwangerschap]

De verbindingen van het bekken worden bij elkaar gehouden door banden. [Vooral tijdens] de zwangerschap verweken de banden in het hele lichaam; dit gebeurt waarschijnlijk door het zwangerschapshormoon Relaxine. Deze verweking vindt plaats bij alle gewrichten. Soms kan dit zelf gemerkt worden doordat de persoon beweeglijker wordt in de gewrichten. De knie of elleboog kan meer gestrekt worden dan normaal. De verweking vindt ook plaats bij de bekkenverbindingen. Er ontstaat dus een grotere beweeglijkheid. Voor de bevalling is dit gunstig omdat de baby dan beter het bekken kan passeren. Alleen bij sommige vrouwen is er een overmatige verweking, waardoor het bekken té soepel en té beweeglijk wordt. Het gevolg kan zijn dat de banden overbelast raken en soms beschadigen op momenten dat er grote krachten op het bekken inwerken, zoals bij zwangerschap en bevalling. Deze klachten worden “bekkeninstabiliteit” genoemd. Het bekken is instabieler geworden door verweking van de banden. Rond de twintigste week van de zwangerschap kunnen de klachten ontstaan omdat op dat moment het [zwangerschapshormoon] invloed krijgt.

[Vormen van bekkeninstabiliteit]

* Hormonale bekkeninstabiliteit:
Bij hormonale bekkeninstabiliteit treedt er tijdens de zwangerschap een overmatige verweking op van kraakbeen en banden, waardoor het bekken overbeweeglijk wordt. De bekkendelen kunnen ten opzichte van elkaar verschuiven, waardoor er een grotere belasting ontstaat op de banden en spieren rond het bekken. De banden kunnen daardoor overbelast raken en soms zelfs beschadigen. Dit leidt tot pijn rond de symfyse en/of de SI-gewrichten, het stuitje en rond de heupen.

* Mechanische bekkeninstabiliteit:
Mechanische bekkeninstabiliteit ontstaat wanneer kraakbeen en bekkenbanden tijdens de bevalling ernstig uitgerekt worden of zelfs scheuren door de krachten die tijdens de bevalling op het bekken inwerken. Vaak gebeurt dit bij veel te snelle bevallingen; bij het baren van een erg groot kind; een kind met een ongunstige ligging (o.a. stuitligging); verkeerde baringshouding en bij kunstgrepen (vacuümextractie, tangverlossing).

* Een combinatie van hormonale en mechanische bekkeninstabiliteit:
Het kraakbeen en de banden, die tijdens de zwangerschap al overmatig verweekt waren, kunnen (onder invloed van bovengenoemde punten) verrekken en/of scheuren tijdens de bevalling. Ook kunnen banden die bij een eerdere bevalling beschadigd waren, bij een nieuwe zwangerschap sneller onder invloed van hormonen verweken.

* Bekkeninstabiliteit als gevolg van een ongeluk of sportblessure:
Beschadiging aan de SI-gewrichten, door een ongeluk of sportblessure geven dezelfde (bekkeninstabiliteits-) klachten als de klachten die vrouwen ervaren na zwangerschap en bevalling. Ondanks dat het mannelijke bekken verschilt van het vrouwelijke bekken, kunnen ook mannen door mechanische oorzaken (ongeval, sportblessure) een beschadiging oplopen aan hun SI-gewrichten.

Symptomen

Door de bekkeninstabiliteit ontstaat vaak pijn ook wel bekkenpijn genoemd. Deze pijn bevindt zich meestal op het schaambeen en aan de achterzijde bij een van de SI- gewrichten. Ook pijn in de heupen en aan de achterzijde van het been komen vaak voor. Wat heel typisch is voor bekkeninstabiliteit is de ‘waggelgang’, het breder lopen. Vrouwen geven zelf vaak aan dat ze anders zijn gaan lopen. De pijn treedt vaak op in bepaalde houdingen, dit is vaak bij het omdraaien in bed, traplopen, lopen, staan, tillen, opstaan uit een stoel of bed, seks of bij het spreiden van de benen. Ook is er vaak sprake van startpijn. Na langere tijd in een bepaalde houding te hebben gezeten is er stijfheid in het bekken waardoor duidelijk op gang moet worden gekomen. Soms wordt er een krakend geluid ter hoogte van het schaambeen bij het bewegen gehoord. Aan de binnenzijde van de benen treedt ook vaak pijn op doordat de benen krampachtig bij elkaar gehouden worden.

Oorzaak

De bekkeninstabiliteit ontstaat dus door een verweking van de banden, waardoor men beweeglijker wordt in de gewrichten. Vrouwen kunnen ook voor de zwangerschap al hypermobiel zijn. Een grotere beweeglijkheid is dan al aanwezig. Het is niet wetenschappelijk bewezen maar men denkt er ook aan dat veel sporten op jonge leeftijd, vooral turnen en ballet, ermee te maken zou kunnen hebben. Hierdoor zouden de Si- gewrichten geen hobbelige maar vlakken gewrichtsvlakken hebben, waardoor de beweeglijkheid in de gewrichten toeneemt. Ook cultuur zou invloed kunnen hebben op het ontstaan van bekkeninstabiliteit. De klachten komen in Nederland en in de Scandinavische landen veel voor.

Behandeling

Bekkeninstabiliteit is een specifieke klacht. Behandeling van de klacht vergt veel kennis. Het is belangrijk het lichaam aan te voelen tijdens de zwangerschap. Bij het ontstaan van klachten moeten deze besproken worden met de verloskundige of gynaecoloog. Zij weten of de klachten met bekkeninstabiliteit te maken hebben. Wordt er bekkeninstabiliteit geconstateerd dan volgt er een programma. De volgende punten zouden hierin voor kunnen komen:

  • Goede voorlichting over de manier van bewegen en de beste houdingen.
  • Goede voorlichting over het gebruik van een bekkenband.
  • Een goed oefenprogramma, dat consequent en regelmatig uitgevoerd en goed begeleid wordt.
  • Een gespecialiseerde fysiotherapiebehandeling.
  • Een goede begeleiding bij de bevalling.
  • Een adequate behandeling na de bevalling door de fysiotherapeut.
  • Een goede begeleiding bij het uitbreiden naar de normale dagelijkse bewegingen.
  • Een goede begeleiding bij het weer gaan sporten in de vorm van conditietraining.
  • Het accepteren van de klachten is een belangrijk aspect. Wanneer de bekkeninstabiliteit geaccepteerd is, kan er wat aan gedaan worden. Dit moet zelf gedaan worden; een ander kan het niet doen maar kan hierin alleen begeleiden.

Als het lichaam aangeeft dat iets niet meer kan, luister dan hiernaar. Om de klachten niet te verergeren moet tijdens de zwangerschap rustiger aangedaan worden. Langzamer lopen, minder fietsen, langzamer bukken etc. Stop voor de pijngrens. Het gebruik van een bekkenband kan helpen tijdens de zwangerschap. Deze geeft steun op het bekken en houdt het bekken in balans. Binnen enkele dagen moet het effect van de bekkenband merkbaar zijn. Bij lang lopen kan de bekkenband omgedaan worden. Er moet geen afhankelijkheid van de bekkenband ontstaan. Draag de bekkenband alleen als het echt nodig is. Verdeel de zware activiteiten over meerdere dagen. Het is echt niet het einde van de wereld als er een dag later gestofzuigd wordt. Een goede maat is herstel van de pijn binnen 36 uur. Duurt het langer dan is er te veel gedaan. Vaak wordt de pijn pas na een activiteit gevoeld. Onthoudt bij welke activiteiten de pijn optreedt. Op die wijze kan de pijn worden vermeden.

Fysiotherapeutische begeleiding

Heel belangrijk is om de spieren in en rondom het bekken te trainen en in conditie te houden. Tegen de verweking van de banden valt niets te doen maar door de spieren te trainen kunnen deze een deel van de stabiliteit over nemen. We praten dan over de bekkenbodemspieren, de dwarse en schuine buikspieren, de bil- en beenspieren en de arm-, borst- en rugspieren. Deze spieren kunnen onder begeleiding van een fysiotherapeut getraind worden en ook thuis kunnen hiervoor oefeningen gedaan worden.
Ook kan de fysiotherapeut massage geven ter ontspanning van het bekkengebied. Dit kan pijnverlichting geven.

Voor de keuze van de juiste bekkenband is het belangrijk met de fysiotherapeut te overleggen. Als een band te los of te strak zit, werkt deze niet. De bekkenband moet aangemeten worden. De bekkenband geeft meer stabiliteit, waardoor bewegen makkelijker gaat en de pijn minder is.

Tijdens de bevalling
Een vrouw met bekkeninstabiliteit heeft bij de bevalling meer kans om de banden te beschadigen dan een vrouw die nergens last van heeft. Klachten ontstaan door extra soepelheid van de banden rond het bekken, waardoor aangenomen wordt dat de baby makkelijker door het bekken gaat en niets een vlotte bevalling in de weg staat. Een nadeel van de snelle bevalling is dat door extra druk op de banden de kans op beschadiging toeneemt. Een goede voorbereiding op de bevalling is belangrijk. Voorlichting van de verloskundige of gynaecoloog is van belang. Op die manier weet iedereen die bij de bevalling betrokken is dat er bekkenklachten zijn. Voor beide ouders kan een zwangerschapscursus of oudercursus een belangrijke rol spelen in de voorbereiding. Deze voorbereiding geeft beide ouders rust en vertrouwen in het proces.

Na de bevalling
In deze periode komt aan het licht of er hormonale of mechanische instabiliteit is. Hormonale instabiliteit is bekkeninstabiliteit die ontstaat door de verweking van banden waarschijnlijk door bepaalde hormonen. Mechanische instabiliteit wil zeggen dat er tijdens de bevalling schade is ontstaan aan het bekken. Meestal zal het gaan om hormonale instabiliteit.

Na de bevalling is rust een noodzaak. Maar met rust wordt niet bedoeld de hele dag op bed liggen. Even staan of zitten is al belangrijk. Ook in bed kunnen de dwarse buikspieren en de bekkenbodemspieren getraind worden. Deze spieren helpen om de bewegingen in het dagelijkse leven weer goed en pijnvrij te kunnen uit voeren. Neem niet te snel het oude levenspatroon weer over want dan kunnen de klachten weer terug komen. Volg de voorgeschreven regels op! Ook de periode na de bevalling moet het kind nog niet getild, uit bed gehaald of in bad gestopt worden. Deze belasting is op dit moment nog te groot. Laat de partner of de kraamhulp dit doen!

TIPS

Bij het uitvoeren van bewegingen is het heel belangrijk om:

  • altijd eerst de spieren rond het bekken te spannen voor de beweging uitgevoerd wordt;
  • goed door te ademen tijdens de bewegingen
  • goed te denken aan de symmetrie tijdens het bewegen.

Bij veel bewegingen zijn er tips hoe deze het beste uitgevoerd kunnen worden. Het gaat hierbij voornamelijk om het liggen, het in en uit bed komen, het zitten, het opstaan uit de stoel en het gaan zitten, het staan, het lopen, het traplopen, het aan- en uitkleden, keukenwerkzaamheden, het vrijen en het autorijden. Hier volgen enkele tips:

Liggen en slapen
Bij pijn ’s nachts: leg een kussen tussen de knieën en enkels. Zijligging is vaak een plezierige houding.

Bij het uit bed komen:

eerst op de zij te rollen met de knieën tegen elkaar aan;
de voeten buiten het bed steken;
het lichaam met de armen opduwen;
opstaan.

Zitten
Zitten is vaak een probleem. Het lijkt soms alsof er geen stoel te vinden is die lekker zit. Probeer heel bewust eens een aantal stoelen uit: hoge, lage, zachte en harde. Elke vrouw heeft zo haar eigen voorkeur. Sommige zwangere vinden het prettig om op een tuinstoel te zitten.

Staan
Langdurig staan op een plaats is vaak een probleem. De beste oplossing is het staan vermijden door te gaan zitten of te gaan lopen. Als dit niet mogelijk is, dan kan het afwisselen van houding plezierig zijn.

Trappenlopen
Als trappenlopen problemen oplevert, probeer dan eens zittend de trap af te gaan. Ook kunt u iedere keer dezelfde voet bijtrekken per trede. Achter uit de trap op en af is een andere oplossing.

Aan- en uitkleden
Instapschoenen kunnen veel ongemakkelijke bewegingen besparen, evenals zittend aan- en uitkleden.

Vrijen
Probeer bij gemeenschap een houding te vinden waarbij de benen niet extreem gespreid worden. Zijligging blijkt vaak een plezierige houding.

Keukenwerkzaamheden
Zitten op een kruk met wieltjes is minder belastend dan de hele tijd opstaan en gaan zitten. Duw de kruk wel naar achteren met uw voeten, maar probeer niet al zittend op deze manier de kruk naar voren te halen.

Autorijden
Leg een plastic zak op de stoel;
Ga op de zak zitten met de knieën bij elkaar;
Al draaiend, met het plastic op de stoel, worden de benen naar binnen gehaald.
Om onder het rijden niet van de stoel te glijden, moet de plastic zak verwijderd worden.

Voor meer tips wordt verwezen naar het boek  Bekkeninstabiliteit, van Josée Busnel. Hierin staan veel handige tips en adviezen.

Bron: http://www.uwpraktijkonline.nl/content/ziektenbeelden2upo/Bekkeninstabiliteit.html#top

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: